Motoriek als basis voor het leren op school.

De drang om te bewegen is enorm bij kleine kinderen. Het is voor hen dé manier om de wereld te ontdekken. Zo leren we over links/rechts, boven/onder, veraf en dichtbij, voor en achter. We leren dat de wereld uit verschillende vormen bestaat en we leren hoe we ons daartoe verhouden. We leren over wetmatigheden (alles valt immers naar beneden), we ontwikkelen ruimtelijk inzicht en we leren hoe we zelf invloed hebben op de wereld. We leren dat we door onze mond en lippen te bewegen, we met elkaar kunnen communiceren door middel van taal. En, ook erg belangrijk, we leren hoe we ons lichaam onder controle kunnen krijgen, zodat het voor ons een instrument wordt. En dat allemaal voordat we naar school gaan.

Op school maken we gebruik van alle vaardigheden die we tijdens de avonturen in onze jonge jaren hebben opgedaan. We leren om klanken naar letters om te zetten en dat we hoeveelheden uit kunnen drukken in cijfers. Dan hebben we ons gevoel voor boven en onder, links en rechts weer nodig. Als dat gevoel je in de steek laat, of je hebt te weinig oefening gehad in je jonge jaren dan kan het lastig zijn om het verschil in de “b” of de “d” te herkennen. Of haal je de “t” en de “f” door elkaar. Bij rekenen vind je het dan bijvoorbeeld lastig om je mentaal een getallenlijn voor te stellen. Want is de nul aan de linker- of aan de rechterkant? Allemaal ruimtelijk inzicht.

Een goede motorische ontwikkeling is dus een fundament voor het leren op school. Hoe herken je dan problemen in de motoriek? Bijvoorbeeld als het kind…

  • Letters en cijfers spiegelt
  • De getallenlijn zich niet mentaal kan voorstellen
  • Slordig schrijft
  • Puzzels moeilijk vindt
  • Moeite heeft met nabouwen van een voorbeeld
  • Steeds onhandig is (vallen, stoten e.d.)
  • Laag scoort op het performale deel van de intelligentietest
  • Langzaam werkt

Problemen in de motoriek komen vaak samen voor met o.a. dyslexie, dyscalculie, autisme en AD(H)D. Het is dan ook belangrijk om zo snel mogelijk te filteren wat de oorzaak is van problemen in de motoriek. Vaak worden de bovenstaande problemen al snel (groep 1 en 2) gesignaleerd, maar wordt er niet veel aan gedaan. Terwijl het juist op die jonge leeftijd goed is om in te grijpen om zo de achterstand in te halen.

Bij Atea doen we dit door gericht onderzoek te doen naar wat het kind al goed kan en wat het minder goed kan op motorisch gebied, zodat we daar doelgericht aan kunnen werken. Op het moment dat de leerling dan in groep 3 aankomt, zijn de problemen in de motoriek al aangepakt en zou er op dat gebied geen belemmering meer moeten en zal het leren vloeiender verlopen.

Atea verzorgt begeleiding in de motoriek voor leerlingen tussen 4 en 16 jaar, en altijd als basis voor het schoolse leren. Meer weten? Neem contact met ons op.